26 april 2017, Redactie

Nederlander wil extra betalen voor ‘oranje’ stroom

Veertig procent van alle Nederlanders zou bereid zijn meer te betalen voor groene stroom. De helft van deze groep zou tevens bereid zijn extra geld neer te tellen voor groene stroom die opgewekt is in Nederland, ook wel ‘oranje’ stroom genoemd. Dat stelt vergelijkingssite Pricewise naar aanleiding van onderzoek onder ruim duizend respondenten. Het onderzoek vond plaats in samenwerking met onderzoeksbureau CG selecties.
Het aantal consumenten dat voor zogenoemde ‘oranje’ stroom kiest, neemt volgens Pricewise in rap tempo toe. In het eerste kwartaal van dit jaar koos 27,5 procent in de energievergelijker van Pricewise voor duurzame stroom van eigen bodem. In Q1 van 2016 was dat nog maar 4,9 procent en in Q1 van 2015 koos een schamele 1,5 procent hiervoor. Dat is een groei van factor twintig. Een verklaring voor die snelle groei geeft het rapport van Pricewise niet.

Prijs

De productie van duurzame, Nederlandse stroom is duurder dan de productie van ‘grijze stroom’. Door subsidies van de Nederlandse overheid aan producenten van ‘oranje’ stroom kan de groene stroom echter tegen concurrerende prijzen aangeboden worden. Met de subsidies kunnen energiebedrijven groene stroom inkopen of certificaten bijkopen en de consumentenprijs laag houden om zo klanten te werven voor groene stroom.

Aandeel

Groene stroom uit Europa behoudt het grootste aandeel op de Nederlandse markt. In Q1 van 2015 koos 57,5 procent hiervoor. Het aandeel stijgt in het eerste kwartaal van 2016 naar 65,4 procent, maar daalt tot 40,6 procent in Q1 van 2017. Grijze stroom wordt door ongeveer een derde gekozen. Het aandeel hiervan is de afgelopen twee jaar overall iets gedaald van 41 procent in het eerste kwartaal van 2015 naar 31,9 in Q1 2017.

Inkomen en draagvlak

Uit het onderzoek van Pricewise blijkt dat het draagvlak voor groene stroom uit Nederland het grootst is in de hoogste salariscategorie van de respondenten (boven € 60.000,- bruto per jaar) met 47 procent. Onder mensen met lage verdiensten (tot € 15.000,- per jaar) ligt de animo het laagst: 34 procent. In de tussenliggende categorieën lopen de percentages langzaam op van 39 procent (€ 15.000,- tot € 30.000,-) naar 42 procent (€ 30,000,- tot € 60.000,-), naarmate het inkomen groeit.