15 november 2012, Redactie

Nederlands ontwikkelingsgeld naar grote veevoederbedrijven

De besteding van Nederlands ontwikkelingsgeld voor de grootschalige en milieubelastende productie van soja voor veevoer heeft opnieuw voor verontwaardigde reacties gezorgd van milieuactivisten. Het vermoeden van de actiegroep Gifsoja dat grote veevoederbedrijven profiteren van de ontwikkelingsgelden wordt, volgens de actiegroep, bevestigd door recente publicaties van Befema, de Belgische belangenorganisatie voor veevoer, en het Nederlandse Instituut Duurzame Handel (IDH).

Nederlands belastinggeld wordt, zo blijkt uit de publicaties van de Befema en IDH, gebruikt voor het steunen van grote sojaproducenten in Brazilië en Argentinië. De subsidie gaat niet naar kleine boeren, maar naar enorme bedrijven die vele tienduizenden hectares exploiteren voor sojaproductie.

De steun is bedoeld voor de omstreden verduurzamingstrajecten in de sojaproductie en wordt verstrekt door het IDH en de Nederlandse ontwikkelingsorganisatie Solidaridad dat vorig jaar 30 miljoen kreeg van het ministerie van buitenlandse zaken voor verduurzamingstrajecten in de agrarische sector.

Die verduurzamingstrajecten zijn omstreden omdat het in veel gevallen gaat om soja die met genetisch manipulatie bestand is gemaakt tegen het onkruidbestrijdingsmiddel Roundup. De enorme monoculturen worden op grote schaal met dit gif bespoten. Criticasters spreken daarom wel van ‘gifsoja’.

De bedrijven zijn, net als de verstrekkers van de subsidie, betrokken bij de Round Table on Responsible Soy (RTRS). Dit overlegorgaan van voornamelijk grote producenten, financiers, handelaren en brandstof- en chemiebedrijven is opgezet met Nederlands ontwikkelingsgeld. De RTRS criteria worden fel bekritiseerd door veel boeren-, milieu- en ontwikkelingsorganisaties.

Bron: Gifsoja