19 juni 2012, Redactie

Meer investeringskapitaal nodig voor kleine voedselproducenten

Het verband tussen speculatieve investeringen op de prijsvorming van voedsel is moeilijk aan te tonen. Toch is er een belangrijke taak weggelegd voor beleggers in het garanderen van de voedselzekerheid. Dat zegt de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO). De vereniging pleit er onder meer voor dat kleine voedselproducenten meer toegang krijgen tot investeringskapitaal.

De beleggersvereniging heeft, in samenwerking met CREM, bureau voor duurzame ontwikkeling, onderzoek gedaan naar de impact van beleggingen op onder meer de voedselprijzen en de beschikbaarheid van voedsel in de wereld. Doel van het onderzoek is het maatschappelijk debat stimuleren, de bewustwording en kennis te vergroten en handelingsperspectieven te formuleren.

“De discussie over voedselzekerheid en beleggen spitst zich veel te veel toe op de negatieve impact van beleggingen op de markt voor voedselgrondstoffen”, zegt VBDO-directeur Giuseppe van der Helm. “Het moet juist gaan over hoe beleggers kunnen bijdragen aan voedselzekerheid. We laten daar nu grote kansen liggen.”

Lange termijn

Lange termijn beleggingen vormen de sleutel tot voedselzekerheid, vindt de VBDO. Om in 2050 de hele wereldbevolking te voeden, moet de voedselproductie met circa 70 procent toenemen, zo concluderen de onderzoekers in het VBDO-rapport: ‘Beleggen en Voedingsgrondstoffen’. ”Beleggers die willen bijdragen aan voedselzekerheid zouden voor de lange termijn moeten investeren in de reële economie. Denk daarbij aan technologie, innovatie, landbouwgronden en landbouwwerktuigen”, aldus Van der Helm.

Ingewikkeld

Op dit moment wordt teveel geïnvesteerd in ingewikkelde en speculatieve financiële producten die gebaseerd zijn op voedselgrondstoffen en op de prijsontwikkeling daarvan. Het is volgens de beleggersvereniging moeilijk om goed in kaart te brengen in hoeverre deze beleggingen bijdragen aan grote prijsschommelingen op de markt voor voedselgrondstoffen, mede door de complexiteit van dit soort producten. Toch doen de onderzoekers een aantal concrete aanbevelingen in het rapport.

Schommelingen voorkomen

Naar aanleiding van het onderzoek doen de beleggersvereniging en het bureau drie aanbevelingen. Op de eerste plaats pleiten zij ervoor dat grote, institutionele beleggers vaker hun indexfondsportefeuilles ‘herbalanceren’ om zo te voorkomen dat de prijzen van voedselgrondstoffen omhoog geduwd worden. De vereniging vindt dat zo’n herbalancering minstens twee tot drie keer per jaar moet gebeuren om ervoor te zorgen dat grote prijsschommelingen in de kiem gesmoord worden.

Ook richten de aanbevelingen zich nadrukkelijk op de belangen van kleine voedselproducenten. De financieringsbehoeften van kleine agrarische producenten moeten ondergebracht worden in gebundelde, financiële producten. Op dit moment blijven juist de kleine producenten vaak buiten het bereik van grote beleggers omdat institutionele beleggers vaak voor tientallen miljoenen in een project beleggen.

Transparantie

Tenslotte breekt de beleggersvereniging een lans voor meer transparantie. Institutionele beleggers moeten aangeven met welke doelen ze in voedsel beleggen. Daarbij moeten ze ook kunnen aangeven welke preventieve maatregelen ze nemen om negatieve effecten als grote prijsschommelingen te voorkomen. “Ook hier geldt weer het credo ‘ga voor de lange termijn en niet voor de snelle winst’. Duidelijke en constructieve beleggingsdoelen stellen en daarover transparant zijn, is essentieel”, aldus Van der Helm.
De VBDO heeft het onderzoek gedaan in samenwerking met onderzoeksbureau CREM en met de financiële ondersteuning van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, OxfamNovib, de VBZ en het Wereld Natuur Fonds.

Bron: VBDO